18 mei

De wortel van je gedachten

Net terug uit het bos, waar ik tijdens het uitlaten van de hond geniet van het frisse groen. Geniet na een regenbui van de geur en de bomen die nu vol in blad komen. Herinner ik me een mooi stukje tekst dat ik met jullie wil delen. Gister ging het met een client over belemmerende overtuigingen (gedachten die je vaak denkt), vanmorgen ging het even over angsten. Wat kunnen we ons zelf toch gek maken met onze eigen gedachten. Waar komen onze gedachten eigenlijk vandaan?

“In de natuur is alles op de een of andere manier met elkaar verbonden. En zo is het ook met onze gedachten. Elke gedachte lijkt verschillend, maar eigenlijk zijn ze met elkaar verbonden. Iedere gedachten is een uitgroei van een zelfde wortel. Je kunt het vergelijken met de bladeren van een boom. Geen enkel blad groeit zomaar in de lucht. Elk blad is verbonden met een tak en elke tak is verbonden met de stam. En de stam is verbonden met de wortels van de boom.

Als je het netwerk van je gedachten onderzoekt, zal je een vergelijkbare structuur ontdekken. Elke gedachte die je hebt, en elk gevoel, is verbonden met een strategie of instelling. Deze zijn verbonden met besluiten, die op hun beurt weer verbonden zijn met ervaringen. Alle ervaringen zijn gebaseerd op je eerste ervaring: jij als baby met je problemen om te overleven. Elke gedachte die je vandaag hebt, is een zorg om je overleven in vermomming. In het begin zie je dit misschien niet. Maar als je iedere gedachte terug zou volgen naar waar hij vandaan komt, kom je iedere keer op dezelfde plek uit.

Het verband tussen negatieve en positieve gedachten en je zorgen maken, is duidelijk. Bij andere, meer positieve gedachten is die relatie niet zo makkelijk te zien. Als je zegt: ‘het is een mooie dag’, betekent het dat er ook slechte dagen zijn. Mooi weer heeft betekenis als er ook slecht weer is. Licht heeft alleen betekenis in relatie tot duisternis. De dag heeft alleen betekenis als je de nacht kent. Negatieve en positieve gedachten zijn als twee kanten van dezelfde munt”.

(Uit Helderheid – Jeru Kabal )